De Coronacrisis: Leden ZZP Capelle delen ervaringen – Interactief

In deze tijd van onzekerheid vanwege het coronavirus en de gevolgen ervan voor het zakelijk- en maatschappelijk leven, ervaren o.a. zzp’ers annuleringen, het uitstellen of uitbijven van mogelijke opdrachten en de daarmee gepaard gaande financiële consequenties. Wat doe jij om de continuïteit van je bedrijf te waarborgen, heb je hulp nodig, heb je creatief geanticipeerd op de situatie en wil je dat met ons delen?

Dit bericht op de website geeft de mogelijkheid om ervaringen te delen, vragen te stellen, suggesties te doen en wat nog meer, zodat we als leden van de vereniging dat verenigde wat nu speelt te manifesteren.

Voor een reactie dien je ingelogd te zijn. Ben je je inloggegevens kwijt meldt dit dan via info@zzpcapelle.nl en we zorgen voor vernieuwing.

Schroom niet om open te zijn, er ontstaan ook mooie dingen uit deze situatie rond het coronavirus, afgezien van alle ellende van hen die met het daadwerkelijke virus te maken hebben. Samen zijn we sterker en samen kunnen we leren van elkaar.
– Bestuur ZZP Capelle

Mooi bericht voor ondernemers van Harriët Westerdijk

Wethouder Harriët Westerdijk (o.a. Economie) schreef op social media een Hartenkreet voor ondernemers die we graag letterlijk overnemen:

“Afgelopen week zijn we als maatschappij geconfronteerd met een toch alsnog onverwachts grote uitbraak van het coronavirus. De gezondheid van onze inwoners staat hierbij voorop. Om deze gezondheid en daarnaast onze gezondheidszorg te beschermen heeft de landelijke overheid maatregelen getroffen.

Deze maatregelen hebben direct grote gevolgen voor veel ondernemers. Hierbij lijkt het er nu op dat de directe impact het grootst is voor vooral ZZP’ers en de kleine en middelgrote bedrijven met minder weerstand. Een evenementenbureau waarvoor geldt dat alle evenementen voor 2 weken zijn afgelast. Een marktkoopman waarvoor de weekmarkt is afgelast. Een taxichauffeur die nog amper ritten heeft. Het Italiaanse restaurant of het eetcafé op de hoek waar de afgelopen dagen tot 70% van de reserveringen worden afgezegd. Een winkelier met een eigen zaak in het centrum waar op zaterdag voor het eerst sinds jaren vrije parkeerplaatsen te over zijn. Het gemis aan inkomsten en het verlies door ongebruikte voorraad is slechts het begin. Alle vaste lasten – zoals huur, rente, belastingen, verzekeringen en personeelslasten – lopen door. Aan ondernemen zitten risico’s, maar wanneer is nog sprake van ondernemersrisico? Deze groep mensen komt zonder inkomen te zitten; de vraag is voor hoelang?

Het uitbreken van het coronavirus wordt juridisch gezien als overmacht, vergelijkbaar aan een natuurramp of als een “Act of God”; een onvoorziene omstandigheid, die niet zomaar verzekerd is. Is het dan gerechtvaardigd te stellen dat een ondernemer een dergelijk risico moet voorzien en bedacht moet zijn op de gevolgen voor bijvoorbeeld zijn of haar personeel? Deze situatie is nog nooit voorgekomen en vraagt om bijzondere maatregelen.

Met stijgende verbazing zie en hoor ik dan ook hoe het maatschappelijk beeld van ondernemers nu wordt neergezet. In de media, op straat en zeker ook door de landelijke overheid wordt het woord “ondernemersrisico” te pas en onpas gebruikt, alsof het een soort toverwoord is. Het begrip ondernemersrisico staat voor de risico’s die volgen uit het zelfstandig uitoefenen van een bedrijf, voor zover dit verzekerd kan worden. Het zijn risico’s die je in loondienst niet loopt, maar waarvan je je als ondernemer bewust bent.

Op dit moment zijn er slechts een beperkt aantal maatregelen genomen voor ondernemers die getroffen zijn door deze crisis. Zo kan een ZZP’er zich voor tijdelijke bijstand melden bij de gemeente (in onze regio bij het Regionaal Bureau Zelfstandigen) en ondernemers met personeel kunnen een beroep doen op tijdelijke werktijdverkorting via het UWV. Nu begrijp ik terdege dat we geen helikopter met gratis geld over het land kunnen laten rondvliegen. Tegelijkertijd zie ik dat door de grote hoeveelheid kleine bedrijven die nu worden geraakt, dit een macro-economisch landelijk probleem wordt. Een economische krimp ligt in het verschiet.

Het MKB was in 2018 goed voor maar liefst 70% van de werkgelegenheid in Nederland. Dit vraagt om meer en snellere maatregelen van de overheid: versoepeling van de nog steeds strenge eisen voor de werktijdverkorting, herinvoering van de deeltijd-WW voor het MKB, fiscale maatregelen (denk aan langer uitstel van betaling, versnelde afschrijving, verruiming van verliesverrekening en de mogelijkheid tot btw-aangifte per kwartaal voor alle ondernemers), een nieuwe crisis- en herstelwet die overheidsinvesteringen dit en volgend jaar aanjaagt, en zelfs een noodfonds voor sectoren die het meest te lijden hebben kan nu niet worden uitgesloten.

Mijn hartenkreet is dan ook: laat redelijkheid prevaleren boven rechtlijnigheid en onderneem nu actie voor onze ondernemers om grotere maatschappelijke problemen als gevolg van deze coronacrisis te voorkomen. Ondernemers zijn mensen als u en ik, die elke dag met hart en ziel werken om met elkaar dit land een goede economische basis te geven. Ondernemersrisico is geen toverwoord. Deze crisis is een risico dat je met elkaar draagt. We worden allemaal geraakt en ook ondernemers – groot en klein – kunnen het dan niet altijd alleen af.

Harriët Westerdijk
(op persoonlijke titel)”

Wetswijzigingen per 1 juli 2019 voor zzp’ers

Vanaf 1 juli 2019 zijn verschillende wetten en regels veranderd. Daarnaast gingen afgelopen maanden diverse wetswijzigingen in. De belangrijkste wetswijzigingen voor jou als zzp’er op een rij.

Wat verandert op 1 juli en 1 oktober 2019?

5 wetten en regels die voor jou als zzp’er van belang kunnen zijn.

1. Meldingsplicht energiebesparing voor 1 juli 2019

Heb jij als zzp’er het energieverbruik van jouw bedrijf goed in beeld? Als dit hoger is dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m3 aardgas, val je namelijk onder de informatie- en energiebesparingsverplichting. Deze wetswijziging ging op 27 februari 2019 in. En betekent voor jou dat je uiterlijk 1 juli 2019 in het eLoket van RVO.nl moet rapporteren welke energiebesparende maatregelen je neemt. Deze informatieplicht draagt bij aan een versnelling van de energiebesparing binnen het bedrijfsleven. Het betreft zo’n 100.000 ondernemers.

2. Minimum jeugdloon per 1 juli 2019 weer omhoog

Overweeg je om personeel in dienst te nemen omdat jouw bedrijf groeit? Houd dan rekening met een stijging van het minimumloon. Want voor 18-, 19-, en 20-jarigen gaat het vaste percentage van het wettelijk minimumloon verder omhoog. Voor 21-jarigen wordt dit 100%, zij hebben dan recht op een volledig wettelijk minimumloon. Voor 22-jarige werknemers was dit laatste sinds 1 juli 2017 al het geval.

3. Pomphouders moeten vaker E10 benzine aanbieden

Heb je een tankstation? Dan moet je van de overheid vanaf 1 oktober 2019 vaker E10 benzine aanbieden. E10 is benzine met een hoger percentage (bio)ethanol. Dit zorgt voor minder CO2-uitstoot waardoor het minder milieuvervuilend is. Heb je 2 of meer tankinstallaties voor benzine in je tankstation? Dan moet minimaal de helft geschikt zijn voor E10.

4. APK-plicht snelle trekkers en tractorkenteken

Rijden jouw gemotoriseerde voertuigen, zoals landbouw- en bosbouwtractoren, op de openbare weg en sneller dan 25 km per uur? Dan geldt per 1 oktober 2019 een kentekenplicht. Daarnaast wordt de APK-keuring verplicht voor trekkers die harder dan 40 km per uur kunnen.

5. Aandelen aan toonder vanaf volgend jaar op naam

Heb je als zzp’er aandelen aan toonder in bezit? Vanaf 2020 moeten anonieme aandelen (aan toonder) van naamloze vennootschappen op naam gesteld zijn. Dit staat in de nieuwe Wet omzetting aandelen aan toonder die op 1 juli 2019 ingaat. Als je aandelen aan toonder hebt, meld je dan bij de nv om ze op naam te laten stellen. Wacht je hiermee tot na 1 januari 2021? Dan vervallen de rechten die je hebt op deze aandelen.

Origineel artikel van KvK.nl https://www.kvk.nl/advies-en-informatie/zzp/wetswijzigingen-per-1-juli-2019-voor-zzpers/

Kleineondernemersregeling (KOR) verandert per 2020

Is je omzet per kalenderjaar niet hoger dan € 20.000? Dan kun je vanaf 1 januari 2020 misschien gebruikmaken van de nieuwe kleineondernemersregeling (KOR). Daarmee krijg je u een vrijstelling van je btw-plicht.

De huidige regeling is een belastingvermindering en gebaseerd op het bedrag aan af te dragen btw. Je kunt deze regeling in 2019 nog gebruiken. Dit kan als het saldo van ontvangen btw minus betaalde btw minder is dan 1.883 euro per jaar. Je draagt dan minder of soms zelfs helemaal geen btw af. De KOR kun je alleen gebruiken als natuurlijk persoon (eenmanszaak) of bij samenwerking van natuurlijke personen (vof of maatschap).

Omzetgerelateerd vanaf 2020

Vanaf 2020 is een omzetgerelateerde vrijstelling omzetbelasting van kracht. Deze kun je gebruiken als je omzet exclusief btw in een kalenderjaar niet hoger is dan 20.000 euro.

Hiervoor tellen alle leveringen en diensten mee die zonder toepassing van de nieuwe KOR met btw belast zijn. Voor het bepalen van de omzetgrens telt ook de btw-vrijgestelde omzet mee uit:

  • levering en verhuur van onroerende zaken
  • financiële diensten
  • verzekeringsdiensten

De omzet uit andere btw-vrijgestelde diensten telt niet mee voor de omzetgrens. Hieronder vallen bijvoorbeeld medische diensten, sportdiensten en diensten door schrijvers en journalisten.

Vrijwillige regeling

Iedere ondernemer, ongeacht de rechtsvorm, kan voor de nieuwe vrijstellingsregeling kiezen. Dit geldt ook voor een vereniging of stichting. Je mag dan geen btw op je leveringen berekenen. De btw op kosten (voorbelasting) mag je ook niet aftrekken. Je mag een beperkte btw-administratie bijhouden en hoeft geen btw-aangifte in te dienen. Je keuze geldt voor minimaal 3 jaar, of tot je de 20.000 euro omzet overschrijdt.

Overschrijden van 20.000 euro-grens

Maak je meer dan 20.000 euro omzet in een kalenderjaar? Dan moet je btw berekenen vanaf de levering waarmee je de 20.000 euro-grens overschrijdt. Vanaf dat moment moet je ook weer de normale btw-administratie bijhouden. De omzet voor overschrijding blijft vrij van btw. De volgende 3 jaar kun je geen gebruik maken van deze regeling.

Is nieuwe KOR voor jou interessant?

Voldoe je aan de voorwaarden? Dan kan het gebruik van de nieuwe KOR je gemak bieden. Je hoeft geen btw-administratie meer bij te houden en ook geen btw-aangifte meer te doen. Kijk hier of de nieuwe KOR voor jou interessant is.

  • Ga je een investering doen? Dan kun je als je de nieuwe KOR gebruikt, de btw op die investering niet verrekenen als voorheffing.
  • Heb je in de afgelopen 5 jaren btw op investeringen als voorheffing afgetrokken? Dan krijg je te maken met een herziening van de btw als de afgetrokken btw gedeeld door 5 jaren meer is dan 500 euro. Je moet dat bedrag aan btw dan terugbetalen. Voor investeringen in onroerend goed reken je met 10 jaren.
  • Verhuur je een pand btw-belast? Dan kun je de nieuwe KOR niet gebruiken.
  • Heb je veel zakelijke klanten? Bij gebruik van de nieuwe KOR kun je geen btw op inkopen en zakelijk kosten verrekenen. Je ‘inkoopprijs’ wordt dus hoger. Om dezelfde marge te houden moet je je verkoopprijs-zonder-btw verhogen. Voor zakelijke klanten wordt jouw product dan minder interessant.
  • Heb je vooral particulieren en organisaties die geen btw kunnen verrekenen als klant? Bij dezelfde verkoopprijs als vóór gebruik van de nieuwe KOR wordt jouw marge hoger. Dan is de nieuwe KOR interessant voor jou.
  • Heb je buitenlandse klanten of transacties waarbij de btw is verlegd? Dan moet je toch aangifte omzetbelasting doen. Lees hierover meer op de website van de Belastingdienst.

Twijfel je nog? Laat je adviseren door je (fiscaal) adviseur.

Gebruikmaken van nieuwe regeling

Wil je de nieuwe kleineondernemersregeling vanaf 2020 gebruiken? Kom dan in actie. Zorg dat je aanmelding vóór 20 november binnen is bij de Belastingdienst. Heb je onder de huidige KOR een ontheffing van administratieve verplichtingen? Dan ga je automatisch over naar de nieuwe regeling. Daarover heb je van de Belastingdienst al een brief gekregen. Meer informatie over de nieuwe KOR vind je op de website van de Belastingdienst.

Originele artikel van de KvK
https://www.kvk.nl/advies-en-informatie/zzp/kleineondernemersregeling-verandert/

Foto van Helloquence op Unsplash

Wet-DBA zou zelfstandigen moeten beschermen, en toen..

De Volkskrant had zaterdag 12 november een artikel van Jonathan Witteman over de bekende DBA discussie

http://www.volkskrant.nl/economie/hoe-de-wet-die-zzp-er-moet-beschermen-averechts-werkt~a4413780/

De nieuwe wet-DBA moest zelfstandigen beschermen tegen schijnconstructies van werknemers. Maar nu wijzen grote bedrijven zzp’ers massaal de deur, uit angst voor boetes en naheffingen. ‘Dit is het kind met het badwater weggooien.’

Met een bruto uurtarief van 110 euro, uro, omgerekend bijna anderhalf keer het salaris van premier Rutte, voldoet interim-manager Annemarijke van Etten niet direct aan het signalement van de uitgebuite zzp’er. Toch dreigt de Amersfoortse zelfstandige te eindigen als collateral damage in de oorlog van het kabinet tegen de schijnconstructies van werkgevers. Een van Van Ettens opdrachtgevers, een groot Nederlands energiebedrijf, doet van de weeromstuit alle zzp’ers in de ban. ‘Bij nieuwe uitvragen in de markt voor tijdelijk personeel worden als standaard zelfstandigen uitgesloten’, heet het in een interne nota. ‘Deze mogen niet meer worden aangeboden door onze contractpartijen.’

Het energiebedrijf wil niet het risico lopen dat de Belastingdienst achteraf oordeelt dat ingehuurde zzp’ers eigenlijk verkapte werknemers waren, met een rijkgevulde blauwe envelop vol boetes en naheffingen als gevolg. En dus heeft het bedrijf zzp’ers dan maar helemaal melaats verklaard.

Wat is de wet-DBA?
Tot 1 mei was het alleen de verantwoordelijkheid van de zzp’er om te bewijzen dat hij echt een zelfstandige was en niet een verkapte werknemer. Zzp’ers hadden daarvoor een zogeheten VAR-verklaring nodig. Sinds per 1 mei de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) van kracht is, ligt de verantwoordelijkheid deels ook bij werkgevers.

De wet moet het voor de Belastingdienst makkelijker maken om te controleren of er sprake is van ondernemerschap of van schijnconstructies waarmee werkgevers risico’s als ziekte en werkloosheid willen afwentelen op zzp’ers, terwijl ze feitelijk werknemers zijn.

‘Dit betekent het failliet van mij als interim-manager. Dat maakt me heel boos’, zegt Van Etten. Ze snapt best dat het kabinet zzp’ers wil beschermen tegen de wanpraktijken van sommige werkgevers, maar wat er nu gebeurt is het kind met het badwater weggooien, vindt ze. ‘Ik merk het ook aan mijn collega-zzp’ers: de deuren gaan dicht, ze komen niet meer binnen bij bedrijven. Op deze manier draait het kabinet de hele flexibilisering van de arbeidsmarkt de nek om.’

Naar boze zzp’ers is het dezer dagen niet lang zoeken. De onrust over de nieuwe regels voor zelfstandigen – de zogeheten ‘wet-DBA’ – is groot. Al veertigduizend zzp’ers zouden zonder werk zitten omdat opdrachtgevers een zelfstandigenstop hebben ingelast, uit angst voor boetes en naheffingen, bleek uit onderzoek van de belangenvereniging ZZP Nederland onder de eigen achterban. Grote werkgevers als ING, Rabobank, BAM, Achmea en Gasunie ontdoen zich massaal van zelfstandigen.

De onrust is zo groot dat het kabinet afgelopen week aankondigde ‘versneld’ iets te gaan doen aan de problemen rond de fel bekritiseerde zelfstandigenwet. ‘Deze zorgen zijn heel herkenbaar en we moeten hier snel wat aan doen’, zei staatssecretaris Wiebes (Financiën) dinsdag in de Tweede Kamer.

De kritiek op het kabinet is begrijpelijk, maar ook gratuit. Want zie maar eens afgewogen beleid te maken voor ruim een miljoen mensen die vaak weinig meer gemeen hebben dan de afkorting ‘zzp’. Hoe vergelijk je een pakjesbezorger met een zzp’ende jurist of musicus? Hoe vergelijk je zelfstandige medisch specialisten, die gemiddeld 45 procent meer verdienen dan hun collega’s in loondienst, met zelfstandige winkeliers, die gemiddeld 41 procent minder verdienen dan winkeliers met een baas?

In het beste geval vertegenwoordigt de zzp’er het toppunt van de ’emancipatie van de arbeider’, die zijn talenten duur kan verkopen aan werkgevers. In het ergste geval is de zzp’er een pseudowerknemer, maar dan voor de prijs van een dagloner, zonder bescherming tegen ziekte of werkloosheid. Het kabinet poogt die laatste categorie te beschermen tegen de sprinkhanenplaag aan schijnconstructies, zonder de eerste categorie dwars te zitten.

Risico’s mijden
Zzp’ers willen niet in loondienst, dan gaan ze er op achteruit. En dat verloopt nog niet al te soepel. De telefoon van personeelswerver José Hubers staat roodgloeiend, zoveel ongeruste zzp’ers en opdrachtgevers krijgt ze dezer dagen aan de lijn. Hubers werkt voor het Naardense AP Support, een bemiddelaar tussen zzp’ers en verzekeraars en andere financiële dienstverleners. ‘Sinds mei zien we dat steeds meer verzekeraars zzp’ers weren. Organisaties zijn enorm risicomijdend geworden, ze willen elke zweem van een schijnconstructie vermijden omdat ze bang zijn om aangeslagen te worden door de Belastingdienst. Zelfs bij zeer hoge functies komen zzp’ers er niet meer aan te pas.’

Exemplarisch is een vacature voor risicomanager bij een verzekeraar. Vóór 1 mei was het voor Hubers een eitje om geschikte kandidaten te leveren voor deze functie, maar nu is de vacature al drie keer voorbijgekomen zonder dat Hubers iemand heeft kunnen vinden. ‘We kunnen niet de gewenste kwaliteit leveren. Dat komt doordat de verzekeraar wil dat de risicomanager in loondienst gaat, om problemen te voorkomen met de nieuwe regels voor zzp’ers. Maar het is moeilijk om zzp’ers te vinden die in loondienst willen, want dan gaan ze er financieel vaak op achteruit.’

De onzekerheid over zzp’ers komt niet iedereen slecht uit. Payrollbedrijven doen gouden zaken. Veel werkgevers willen alleen nog zzp’ers inhuren als het via een payrollbedrijf gaat, dat de aansprakelijkheid overneemt. Op deze manier treden zzp’ers alsnog in verkapte loondienst, alleen dan niet bij de echte werkgever, maar bij het louter administratieve vehikel genaamd payrollbedrijf.

Belastingdienst is er nog niet klaar voor om de wet goed uit te voeren

Ronald Dekker, arbeidseconoom Universiteit Tilburg
Tot onvrede van zzp’ers. ‘Ze kosten me vooral geld’, zegt de Kamerikse werktuigbouwkundige Edward Maatkamp, een zzp’er in de installatietechniek, over de payrollbedrijven. ‘Mijn uurloon is 65 euro, daarvan kan ik 10 euro afdragen aan het payrollbedrijf. Terwijl ze er nauwelijks iets voor doen, je hebt er alleen maar ellende van. Maar zonder payrollbedrijf of detacheringsbureau krijg ik geen grote opdrachten meer.’

Veel succesvolle zzp’ers twijfelen door de nieuwe regels of ze wel als zelfstandige kunnen blijven werken. ‘Ik heb geen idee of ik volgend jaar nog zzp’er ben’, zegt interim-manager Van Etten. ‘Ik ben nu met collega-zzp’ers aan het kijken of we misschien samen een maatschap kunnen oprichten.’ Schilder Louis van de Liefvoort uit Den Bosch gaat nog een stap verder. ‘Ik ben een vrije jongen. Ik trek nog liever een uitkering dan dat ik voor een baas ga werken.’

‘Dit zijn typisch de problemen van een wet die met stoom en kokend water is ingevoerd’, zegt arbeidseconoom Ronald Dekker van de Universiteit Tilburg. ‘Je ziet dat de Belastingdienst er nog niet klaar voor is om de wet goed uit te voeren. Controles verlopen erg traag, waardoor bedrijven in onzekerheid verkeren of ze niet achteraf nog een belastingaanslag voor de kiezen krijgen. Tegelijkertijd verlangen werkgevers meer zekerheid dan de Belastingdienst kan geven. Zij willen een in beton gegoten toezegging van de Belastingdienst dat ingehuurde zzp’ers niet achteraf als werknemer worden aangeslagen. Maar dat kan de Belastingdienst helemaal niet toezeggen, dat kan alleen maar achteraf worden vastgesteld.’

Hoe groot de onvrede ook is, toch bereikt de wet in zekere zin haar doel, zij het op een iets andere manier dan beoogd, constateert Dekker. Het doel van de wet-DBA was om helder af te bakenen wie zelfstandige is en wie een verkapte werknemer. ‘Werkgevers zijn zich helemaal de tandjes geschrokken omdat ze boetes vrezen van de Belastingdienst. In feite werkt de wet wel, want werkgevers voelen aan hun water dat de Belastingdienst bij veel zzp’ers zal zeggen: dit zijn eigenlijk verkapte werknemers. Dus bieden werkgevers zzp’ers aan om in loondienst te werken, wat op zich ook de bedoeling was van de wet. Alleen zetten werkgevers de zzp’ers op afstand via een payrollbedrijf of detacheringsbureau, wat dan weer niet de bedoeling was.’

Gezagsverhouding
Het controversieelste criterium waarmee de Belastingdienst zelfstandigen probeert te onderscheiden van pseudowerknemers is de vraag of er sprake is van een gezagsverhouding. Is dit inderdaad het geval, dan is er in de ogen van de Belastingdienst sprake van schijnzelfstandigheid en riskeert de werkgever boetes en naheffingen voor loonbelasting en sociale premies.

Maar het is niet zo eenvoudig om geen gezagsverhouding te hebben met je opdrachtgever, blijkt uit de door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomsten, waarin voor verschillende branches de aard van de arbeidsrelatie staat gedefinieerd. Zo mag een freelancefotograaf niet aanschuiven bij de vergadering van de fotoredactie van de krant waarvoor hij werkt, want dat impliceert een werknemersrelatie. Een zelfstandige tennisleraar mag geen instructies krijgen van de tennisvereniging over hoe hij zijn pupillen de backhand laat slaan, net zoals een zelfstandig echoscopist tijdens het maken van een echo van een baby geen aanwijzingen mag krijgen van de verloskundigenpraktijk.

Ook mogen zelfstandigen geen apparatuur van hun opdrachtgever gebruiken. Dat is lastig voor bijvoorbeeld zzp’ers bij een bank, die vaak niet hun eigen laptop mogen gebruiken om het risico op hacken niet te vergroten. Of dit ook betekent dat kraanmachinisten hun eigen hijskraan moeten meenemen naar het werk, is niet bekend.

De onzekerheid over zzp’ers komt niet iedereen slecht uit. Payrollbedrijven doen gouden zaken. Veel werkgevers willen alleen nog zzp’ers inhuren als het via een payrollbedrijf gaat, dat de aansprakelijkheid overneemt. Op deze manier treden zzp’ers alsnog in verkapte loondienst, alleen dan niet bij de echte werkgever, maar bij het louter administratieve vehikel genaamd payrollbedrijf.

Belastingdienst is er nog niet klaar voor om de wet goed uit te voeren

Ronald Dekker, arbeidseconoom Universiteit Tilburg
Tot onvrede van zzp’ers. ‘Ze kosten me vooral geld’, zegt de Kamerikse werktuigbouwkundige Edward Maatkamp, een zzp’er in de installatietechniek, over de payrollbedrijven. ‘Mijn uurloon is 65 euro, daarvan kan ik 10 euro afdragen aan het payrollbedrijf. Terwijl ze er nauwelijks iets voor doen, je hebt er alleen maar ellende van. Maar zonder payrollbedrijf of detacheringsbureau krijg ik geen grote opdrachten meer.’

Veel succesvolle zzp’ers twijfelen door de nieuwe regels of ze wel als zelfstandige kunnen blijven werken. ‘Ik heb geen idee of ik volgend jaar nog zzp’er ben’, zegt interim-manager Van Etten. ‘Ik ben nu met collega-zzp’ers aan het kijken of we misschien samen een maatschap kunnen oprichten.’ Schilder Louis van de Liefvoort uit Den Bosch gaat nog een stap verder. ‘Ik ben een vrije jongen. Ik trek nog liever een uitkering dan dat ik voor een baas ga werken.’

‘Dit zijn typisch de problemen van een wet die met stoom en kokend water is ingevoerd’, zegt arbeidseconoom Ronald Dekker van de Universiteit Tilburg. ‘Je ziet dat de Belastingdienst er nog niet klaar voor is om de wet goed uit te voeren. Controles verlopen erg traag, waardoor bedrijven in onzekerheid verkeren of ze niet achteraf nog een belastingaanslag voor de kiezen krijgen. Tegelijkertijd verlangen werkgevers meer zekerheid dan de Belastingdienst kan geven. Zij willen een in beton gegoten toezegging van de Belastingdienst dat ingehuurde zzp’ers niet achteraf als werknemer worden aangeslagen. Maar dat kan de Belastingdienst helemaal niet toezeggen, dat kan alleen maar achteraf worden vastgesteld.’

Hoe groot de onvrede ook is, toch bereikt de wet in zekere zin haar doel, zij het op een iets andere manier dan beoogd, constateert Dekker. Het doel van de wet-DBA was om helder af te bakenen wie zelfstandige is en wie een verkapte werknemer. ‘Werkgevers zijn zich helemaal de tandjes geschrokken omdat ze boetes vrezen van de Belastingdienst. In feite werkt de wet wel, want werkgevers voelen aan hun water dat de Belastingdienst bij veel zzp’ers zal zeggen: dit zijn eigenlijk verkapte werknemers. Dus bieden werkgevers zzp’ers aan om in loondienst te werken, wat op zich ook de bedoeling was van de wet. Alleen zetten werkgevers de zzp’ers op afstand via een payrollbedrijf of detacheringsbureau, wat dan weer niet de bedoeling was.’

Gezagsverhouding
Het controversieelste criterium waarmee de Belastingdienst zelfstandigen probeert te onderscheiden van pseudowerknemers is de vraag of er sprake is van een gezagsverhouding. Is dit inderdaad het geval, dan is er in de ogen van de Belastingdienst sprake van schijnzelfstandigheid en riskeert de werkgever boetes en naheffingen voor loonbelasting en sociale premies.

Maar het is niet zo eenvoudig om geen gezagsverhouding te hebben met je opdrachtgever, blijkt uit de door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomsten, waarin voor verschillende branches de aard van de arbeidsrelatie staat gedefinieerd. Zo mag een freelancefotograaf niet aanschuiven bij de vergadering van de fotoredactie van de krant waarvoor hij werkt, want dat impliceert een werknemersrelatie. Een zelfstandige tennisleraar mag geen instructies krijgen van de tennisvereniging over hoe hij zijn pupillen de backhand laat slaan, net zoals een zelfstandig echoscopist tijdens het maken van een echo van een baby geen aanwijzingen mag krijgen van de verloskundigenpraktijk.

Ook mogen zelfstandigen geen apparatuur van hun opdrachtgever gebruiken. Dat is lastig voor bijvoorbeeld zzp’ers bij een bank, die vaak niet hun eigen laptop mogen gebruiken om het risico op hacken niet te vergroten. Of dit ook betekent dat kraanmachinisten hun eigen hijskraan moeten meenemen naar het werk, is niet bekend.

Pages: 1 2